Picasso Museum



Picasso Museum

De in Málaga geboren kunstenaar Pablo Picasso had een bijzondere band met Barcelona. Hij studeerde er aan de kunstacademie, hield er zijn allereerste individuele exposities en kreeg er jaren later een eigen Picasso museum. Naast schilder was hij beeldhouwer, grafisch kunstenaar, illustrator en keramist.

Pablo Picasso wordt beschouwd als de meest invloedrijke kunstenaar van de twintigste eeuw en trouwens ook die met de langste naam, hij heette officieel namelijk: Pablo Diego José Francisco de Paula Juan Nepomuceno María de los Remedios Cipriano de la Santísima Trinidad Ruiz y Picasso.

Het Picasso Museum is centraal gelegen in de oude wijk El Borne, op 5 minuten lopen van metrohalte Jaume 1 (gele lijn) en omringd door gezellige winkels, de basiliek Santa María del Mar en vele tapasbars.

Picasso Museum
Binnenin het museum is foto’s maken niet toegestaan, maar wel op de prachtig oude binnenplaats waar de tijd lijkt te hebben stilgestaan en je even kunt bijkomen van alle indrukken

Picasso Museum Tickets

Losse tickets voor het Picasso Museum kun je alleen bij het museum zelf kopen. Vind je het leuk om een bezoek aan het museum te combineren met een Picasso-tour door de stad (met o.a. stops bij zijn favoriete café en de school waar hij studeerde)? Dan raden we deze tour van Barcelona Turisme aan.
Ticketbar biedt de combinatie van het Picasso Museum met de Hop on Hop off Bus. Als je boekt bij een van deze aanbieders, hoef je niet in de (vaak lange!) rij te staan.

Wie was Picasso

In 1895 verhuisde de familie Ruíz-Picasso naar Barcelona en vestigde zich aanvankelijk in waar nu het restaurant 7 Portes zit, aan de voet van La Barceloneta. Zijn vader, die aan de kunstacademie La Llotja lesgaf maar altijd de droom had om zelf als kunstenaar te leven, erkende het grote talent van zijn zoon al vroeg. Pablo werd als veertienjarige aangenomen aan de academie, maar zou zijn studie nooit voltooien.

Pablo Picasso Les Demoiselles d'Avignó

Een jaar later verhuizen ze naar een straat vlakbij, carrer de La Mercè. In zijstraatje daarvan, Carrer de la Plata, vind je een muurtekening met een replica van het beroemde schilderij van Picasso Les Demoiselles d’Avignon (zie foto links). Op deze plek had de kunstenaar zijn eerste atelier, samen met Manuel Pallarés. Dit schilderij luidde een nieuwe schilderstijl in: het kubisme.

In dit atelier schilderde hij onder andere Ciencia y Caridad, te zien in het Picasso Museum. Hij maakte dit werk na de dood van zijn zusje Conchita dat vlak voor de verhuizing naar Barcelona stierf aan de ziekte kroep, toen ze zeven was. Haar dood maakte een diepe indruk op Picasso en het zou een levenslang trauma blijven.

Op het schilderij is Conchita zelf trouwens niet te zien en hij zou haar ook nooit schilderen op een tekening na, die hij met potlood van haar maakte, vlak voordat ze stierf. Deze tekening hangt in het museum.

In 1904 vertrok Picasso naar Parijs. Maar hij zou nog regelmatig naar Barcelona komen, de stad waar hij erg van hield.

Picasso en zijn turbulente liefdesleven

Picasso stond bekend om zijn vele, gepassioneerde liefdesaffaires. Hij had in z’n leven verschillende relaties met vooral jonge, mooie vrouwen die vaak als model voor hem werkten. Steeds als er een nieuwe muse verscheen, zag je dit terug in zijn werken, het was als het ware zijn creatieve brandstof.

Er is over hem gezegd dat hij ervan genoot als vrouwen om hem vochten en dat hij zich nooit schuldig voelde als hij de een met de ander bedroog. Zijn allergrootste liefde schijnt trouwens zijn teckel Lump te zijn, die als enige toegang had tot zijn atelier (normaal verboden toegang, zelfs voor z’n kinderen).

Verschillende stijlen

Picasso Museum
Boeken over Picasso in verschillende talen.

Blauw (1901-1904)

Deze periode begon in de tijd na de zelfmoord van zijn beste vriend, dichter en schilder Carlos Casagemas. Het was een zware tijd voor Picasso, getekend door armoede en misère. Werken uit deze tijd zijn gemaakt met blauw, paars, groen en zwart. De figuren zijn hoekig en somber, kwetsbaar ook.

Het zijn vandaag de dag Picasso’s meest kostbare schilderijen maar in de tijd dat hij ze maakte kon hij ze aan de straatstenen niet kwijt. In het Picasso Museum in Barcelona kun je de permanente expositie bekijken van de blauwe periode.

Roze (1904-1906)

Het begint beter te gaan met de kunstenaar, hij wordt bekender en hij ontmoet Fernande Olivier, een beeldschoon schildersmodel. Deze hevige liefde heeft een grote invloed op zijn werken en hij begint te schilderen met pastelkleuren zoals lichtblauw maar vooral roze. Figuren die veel voorkomen op deze werken zijn circusartiesten, hij ging met Fernande vaak naar het circus.

Kubisme (1906-1917)

In Parijs bezoekt Picasso naar het Etnologisch museum en raakt diep onder de indruk van primitieve Afrikaanse maskers en totemfiguren. Hij begint ermee te experimenteren in zijn eigen kunst en dit leidt tot een van zijn beroemdste werken Les Demoiselles d’Avinyó, hij maakte het in de herfst van 1906. Centraal thema was de prostitutie (in de Carrer d’Avinyó vlakbij zijn eerste atelier, krioelde het van de bordelen).

Pablo Picasso Les Demoiselles d'Avinyó

Het schilderij loopt vooruit op het kubisme, een vernieuwende stijl die hij samen met kunstenaar Georges Braque zou ontwikkelen. Kenmerkend voor het kubisme is bijvoorbeeld de versnippering van het beeld en samenkomen van verschillende gezichtspunten.

Het had ook een strakker en strenger karakter met dikke lagen verf over elkaar heen. Kubistische werken doen vaak een beetje denken aan een collage, een techniek die Picasso veel gebruikte.

Klassiek (1917-1936)

De Eerste Wereldoorlog brak uit, Picasso’s geliefde Eva Gouel sterft aan keelkanker en hij kwam in een diepe depressie terecht. Veel van zijn vrienden, zo ook Georges Braque, moesten in militaire dienst en hij voelde zich eenzaam en aan z’n lot overgelaten zonder hen.

In 1917 ging hij in Parijs theaterkostuums en decors ontwerpen voor een Russisch balletgezelschap. Hij begon zich te verdiepen in de klassieke kunst en schilderde veel werken in renaissance en neoclassicistische stijl. Hij trouwde met Olga Khokhlova, een Russische balletdanseres die hem bij de Parijse high society introduceerde. Ze kregen samen een zoon, Paul (Picasso had toen trouwens al een dochter bij een vorige minnares).

Na tien jaar huwelijk gingen ze uit elkaar, maar Picasso wilde nooit officieel van haar scheiden omdat Olga dan volgens de Franse wet recht op de helft van zijn bezittingen zou hebben. Ze stierf in 1955 aan kanker.

Surrealisme (1925-1930)

Deze stijl werd net zo belangrijk als het kubisme. Picasso schilderde in deze periode veel surrealistische doeken en ijzerdraadconstructies. In 1927 ontmoette hij de zeventienjarige Marie-Thérèse Walter met wie hij een affaire begon en die al snel in verwachting raakte van dochter Maya. Olga kwam erachter, verliet Picasso en ging met hun zoon Paul in Zuid-Frankrijk wonen.

Dora MaarOngeveer een jaar later, vlak voordat de Spaanse burgeroorlog uitbrak, leerde hij Dora Maar kennen en besloot hij dat Dora en Marie-Thérèse maar om hem moesten vechten. Dora was toen al bekend als fotografe, maar was ook schilderes en stond vaak model voor Picasso. Hij was gefascineerd door haar ‘trieste schoonheid’.

Toen Picasso weer verliefd werd op een andere vrouw en de relatie met Dora afbrak, werd Dora letterlijk gek van verdriet en werd zelfs opgenomen in een psychiatrische inrichting. Ze zou tot haar dood in 1997, toen ze negenentachtig was, geen liefdesrelatie meer hebben en zich verliezen in het katholieke geloof. Na Picasso alleen nog God.

Abstract (vanaf de jaren veertig)

Deze periode is de meest bekende periode van Picasso en werd de ‘Picasso-stijl’ genoemd. Hij ging steeds abstracter werken en maakte vele portretten van Dora Maar in deze tijd.

In 1943 werd hij smoorverliefd op Françoise Gilot met wie hij twee kinderen kreeg: Claude en Paloma. Toen Gilot al jaren weg was bij Picasso, streden hun kinderen om de achternaam van hun vader te krijgen, dat was vooral handig voor Paloma die uiteindelijk een beroemde modeontwerpster werd.

Laatste periode

In de jaren vijftig ontmoette hij Jacqueline Roque met wie hij in 1961 trouwde. Hij maakte honderden portretten van haar en bleef haar tot z’n dood schilderen, in steeds abstractere stijl. Deze werken worden allemaal gekenmerkt door een katachtig gezicht en een overdreven nek. Haar donkere ogen en hoge jukbeenderen symbool voor Picasso’s stijl.

In de laatste jaren van z’n leven trok hij zich terug uit het publieke leven maar hij bleef tot z’n dood in april 1973 schilderen, hij overleed aan de gevolgen van een longontsteking. Na z’n dood kwam Roque in een ingewikkelde, juridische strijd met Picasso’s kinderen terecht, vanwege de nalatenschap van het oeuvre van de wereldberoemde Picasso . Ze pleegde in 1986 zelfmoord.

Geschiedenis van het Picasso Museum


Voorkant van het Picasso Museum in Carrer de Montcada

Toen het museum werd geopend op 9 maart 1963, zat Spanje nog middenin de dictatuur van Franco. Pablo Picasso had gezworen dat hij zolang Franco heerste, hij geen voet op Spaanse bodem zou zetten en was dan ook niet aanwezig bij de opening van zijn museum, waar hij overigens wel nauw bij betrokken was.

De naam van het museum dat werd gevestigd in een voormalig paleis genaamd Palacio Aguillar was tijdens de Franco-periode Colección Sabartés, vernoemd naar zijn goede vriend Jaume Sabartés die zijn persoonlijke collectie doneerde aan het museum aan de Carrer de Montcada. De overige werken van Picasso kwamen uit andere kunstmusea van de stad, onder andere het beroemde schilderij El Arlequín en veel tekeningen, etsen, lithografie en affiches.

In 1970 doneert Picasso de gehele collectie die in het bezit was van zijn familie met niet minder dan 921 werken waaronder veel olieverfschilderijen en vele tekeningen die hij als kind en jongeman maakte. Begin jaren tachtig doneert Picasso’s weduwe Jacqueline Roque een aantal voorname werken van Picasso, onder andere keramiekbeelden en het schilderij La mujer de la cofia.

Picasso MuseumVandaag de dag bestaat het Picasso Museum uit vijf koopmanshuizen uit de vijftiende eeuw. De laatste omvangrijke uitbreiding was in het jaar 1999, toen het Casa Mauri op nummer 21 en het Palacio Finestres op nummer 23 erbij kwamen. In deze laatste twee ruimten worden de tijdelijke exposities gehouden.

In de lente van 2018, het jaar dat Jaume Sabartés vijftig jaar geleden stierf, zal de permanente collectie worden uitgebreid met voornamelijk werken uit de studententijd van Picasso in Barcelona en zijn vroege jaren in Parijs. Met een interactieve zaal en afbeeldingen van tijdgenoten van de kunstenaar.

Persoonlijke tip

Els Quatre Gats
De door Pablo Picasso ontworpen menukaart van Els Quatre Gats

Ga na afloop van je bezoek wat drinken in Els 4 Gats in de gotische wijk (ongeveer tien minuten lopen) en dompel je onder in het Barcelona van zo’n honderdtwintig jaar geleden. Hier kwam de jonge Picasso zelf ook graag een borrel drinken. Ook Antoni Gaudí en schrijver Hemmingway waren hier regelmatig te vinden. Binnen hangt het vol met afbeeldingen van Picasso zelf en zijn tijdgenoten. De menukaart is ontworpen door Picasso en wordt al zo’n 100 jaar gebruikt. Woody Allen nam hier in 2007 een aantal scenes op voor zijn film Vicky Cristina Barcelona. Adres: Carrer Montsó 3.

Collectie

Picasso Museum
Ansichtkaart van Las Meninas, geschilderd door Picasso in Cannes (1957)

De collectie is onderverdeeld in zestien zalen. Iedere zaal toont werken uit een bepaalde periode uit Picasso´s leven en er zijn regelmatig tijdelijke exposities. Met meer dan 4250 werken heeft het Picasso Museum in Barcelona de meest uitgebreide collectie van alle Picasso musea. Vooral zijn beginperiode (1891-1905) is goed vertegenwoordigd. Uitblinker in de collectie is Picasso´s interpretatie van Velazquez´ Las Meninas, een serie van in totaal 58 werken.

Tijdelijke exposities

Picasso Museum
Het gebouw waar het Picasso Museum in is gevestigd is al de moeite waard om te bekijken

In 2017 zijn er drie tijdelijke tentoonstellingen in het Picasso Museum, je kunt hiervoor los een kaartje kopen, zie onderaan het artikel bij ‘praktische info’.

Mythologie Picasso had een grote belangstelling voor mythologie uit de Griekse en Romeinse tijd. Zijn oudst bewaarde tekening is een van Hercules. Hij gebruikte verschillende technieken om zijn helden uit die tijd af te beelden, onder andere etsen en litografie. Nog te zien tot 19 maart 2017.

Portretten Dit is een samenwerking met de National Portrait Gallery in Londen, waar de tentoonstelling tot begin februari 2017 te zien was. Een nooit eerder vertoonde collectie van tachtig portretten, tekeningen, beelden en etsen uit verschillende levensfasen van Picasso. Hij maakte vele portretten van vooral familieleden en mensen zoals zijn goede vriend Jaume Sabartés, componist Erik Satie en fotografe en kunstenares Dora Maar, muse en geliefde van Picasso. Te zien van 17 maart t/m 25 juni 2017.

Arthur Cravan Deze verzameling zal geheel in het teken staan van de geheimzinnige figuur Arthur Cravan, een dichter en bokser, die zich de neef van Oscar Wilde liet noemen. Naast deze expositie zullen er nog twee andere tijdelijke exposities te zien zien vanaf de herfst van 2017: El taller compartido, Picasso, Fín, Vilató, Xavier. En Picasso Barcelona 1917.

Bezoek het Picasso Museum

Het museum ontvangt meer dan een miljoen bezoekers per jaar en dat is te merken aan de lange rijen. Het is dus aan te raden om je tickets vooraf te kopen via de website van het museum of een rondleiding te boeken waarbij de tickets zijn inbegrepen. Je kunt op vertoon van je toegangsbewijs je jas en spullen gratis in de garderobe kwijt (je betaalt een euro borg), er zijn kluisjes beschikbaar (een koffer past er niet in!).

Museumshop Picasso Museum
In de museumshop kun je tal van boeken en tijdschriften kopen met afbeeldingen van de werken van Picasso. Ansichtkaarten, posters en allerlei souvenirs zijn er ook te koop. Leuk als aandenken of als cadeautje voor de thuisblijver(s).

Op zondagmiddag na 15.00 uur, iedere eerste zondag van de maand en op bepaalde feestdagen is het museum gratis toegankelijk. Houdt er wel rekening mee dat het dan dus extra druk is. Voor omwonenden van het museum is het dan haast onmogelijk om even snel een boodschap te doen, aangezien de smalle straat van het museum meestal bomvol staat met wachtende mensen.

Rondleidingen

Je kunt op zondagochtend om 11.00 een rondleiding doen door de permanente collectie, onder begeleiding van een Engelstalige gids. De tour is gratis, maar je moet wel een entreekaartje kopen. Op zaterdagmiddag 15.30 zijn er rondleidingen in het Engels bij de tijdelijke exposities.

Het werkt zo:

1. Reserveer de rondleiding per e-mail voor maximaal zes personen: museupicasso_reserves@bcn.cat (let op: in augustus zijn er geen rondleidingen in het Picasso Museum).
2. Zorg dat je minstens tien minuten van tevoren aanwezig bent anders geven ze je plaats aan mensen die op de wachtlijst staan.
3. Het meeting point is voor de ingang op nr.23 “Room Zero” (het Palau Finestres).

Je kunt ook voor vijf euro audiogidsen huren, ze zijn er in tien verschillende talen, waaronder Frans, Spaans en Engels. Helaas zijn ze niet beschikbaar in het Nederlands. Bij grote drukte zijn de audiogidsen soms allemaal verhuurd en moet je dus even wachten tot er een vrij komt.

Praktische info

Openingstijden: Dinsdag-zondag van 9.00 tot 19.00 uur (op donderdag van 9.00 tot 21.30 uur). Gesloten op 1 januari, 1 mei, 24 juni, 25 en 26 december. Op 24 en 31 december sluit het museum om 14.00.

Prijzen:

  • Entree voor volwassenen €11 (kinderen tot 18 jaar mogen gratis naar binnen mits ze begeleid worden door een volwassene)
  • Studenten en 65+ €7
  • Een los kaartje kopen voor de tijdelijke exposities kan ook, hier betaal je rond de €4,50 voor.
  • Met het ArTicket heb je gratis toegang

Adres & plattegrond


Picasso Museum
Carrer de Montcada 15-23
08003 Barcelona
932563000
Metro: L3L4